|
| Ardennen |
|
Het ontstaan.
3 miljoen jaar geleden was het gebied dat we nu kennen als de Ardennen nagenoeg
totaal vlak afgesleten en leek sterk op het huidige Nederland.
Echter tijdens een periode gekend als Alpiene Orogenese waarin de Alpen hun vorm
kregen tilde de botsing tussen de Europese plaat en Afrika ook het
Ardennengebied naar zowat 700m hoogte.

De rivieren Ourthe, Lesse, Lomme, Maas, Semois, Vesder & Amblève sneden diep in
dit hoogplateau en vormden zo het landschap waarin wij leven. Enkel de Hoge
Venen bleven ongeschonden van het erosiegeweld en zijn tot vandaag nagenoeg
ongewijzigd gebleven.
Wie dit prachtige gebied bezoekt merkt enkel door het barre klimaat de hoge
ligging (700m Signal d. Botrange) op, het ontbreken van diep uitgesneden dalen
berooft bezoekers echter van het hoogtegevoel wat wel uitgesproken aanwezig is
in de streek rondom de Ourthe dewelke zich haast 500m diep in het landschap
boorde tot het huidige Ourthedal.

In tegenstelling tot de Alpen verloopt de hellingsgraad in de Ardennen zachter
en hierdoor blijven de hoger gelegen toppen buiten het gezichtsveld van een
toeschouwer die zich door het dal begeeft.
Men dient zich naar de toppen van de omringende heuvels te begeven om een goede
indruk te krijgen van de erosie veroorzaakt door deze rivieren.

Klimaat.
Mild tijdens de zomer maar bar en koud gedurende de winter, door de relatief
hoge ligging van de plateau’s (500 – 700m) komt er langdurig nachtvorst voor.
De streek rondom Baraque de Fraiture en de hoogvlakten Dochamps & bois des
Fagnes kenmerken zich door vrieskou en sneeuw gedurende de winter. Plaatselijk
tot zelfs 125 dagen vorst aan de grond.
In 1940 daalde de temperatuur tot -30.1°c rondom Rochefort. Amerikaanse
veteranen spreken nog altijd van cold as a Belgian night. Zij leverden in
1944-45 slag rondom Spa in een sneeuwlaag van 49cm dik. Vandaag genieten de
toeristen van dit witte tapijt om pret te beleven of lange idyllische tochten te
maken.
Het laatste groene bolwerk van de Benelux.
Met een bevolkingsdichtheid van nauwelijks 1/8e in vergelijking met Nederland
zijn de Ardennen een ware baken van rust. Dit ruwe rotsachtige en golvende
landschap liet zich slechts moeilijk door de mens bedwingen, de arme grond en
klimatologische omstandigheden maakten het geheel nog minder aantrekkelijk om
zich te vestigen. Een zegen voor de huidige bevolking alsook voor de toerist die
vandaag genieten van de rust en stilte van deze streek. Uitgestrekte wouden
bedekken de flanken van het Ourthedal, men kan er tientallen kilometers fietsen
of wandelen zonder dat de bewoonde wereld zijn vingers uitsteekt. Bois St-Hubert,
Forêt du Roi Albert, Bois du Grune en Bois des Fagnes en nog vele meer vormen
wouden samen duizenden hectaren groot en herbergen een grote variëteit aan fauna
& flora. Herten en everzwijnen, vossen, hazen, fazanten en eekhoorns kruisen uw
pad indien u de stilte respecteert.

Overwegend zijn de hoger gelegen gebieden bedekt met naaldbomen en lager treft
men loofbossen aan. De bodem bestaat er afwisselend uit harde rotsgesteenten en
zachtere kalk of leisteen waarin stromend water holten uitsleet en grotten zich
vormden. De meest bekende zijn de grotten van Han, Hotton of Remouchamps, zij
behoren tot de meest interessante onderaardse werelden van Europa en zijn tevens
vindplaats voor prehistorische overblijfselen en terrein voor speologen. Door
eenzelfde inwerking van water zijn in het landschap indrukwekkende rotsmassieven
waar te nemen. De streek rondom Hotton, La Roche en Ardenne, Erezée en Ortho
kenmerkt zich door deze rotsformaties en zijn geliefd oefenterrein voor
Alpinisten.
De rivieren stromen gedurende drogere perioden zacht en vriendelijk door het
landschap en zijn een trekpleister voor dagjestoeristen die komen kajakken of
zwemmen, forelvissers kunnen zich (mitsvergunning) versmelten met de natuur. Bij
regenval neemt de stroming sterk toe en palmen de stromen soms nagenoeg het
ganse dal in en veranderen in kolkende en gevaarlijke bergstromen.
In 1814 door de Fransen 'fort Carnot' geheten.. De ligging van dit op een hoger
duinengebied gelegen fort werd gekozen omwille van haar beschermingmogelijkheid
door de overstroombare Schijn- en Lobroeklanden. (Actuele omgeving
Lobroekstraat-Schijnpoortweg; ten noorden van de huidige Everaertstraat gelegen,
naar de huidige Viséstraat toe). De afbraak wordt beslist met het
Gemeenteraadsbesluit van 2 mei 1873.

Bereikbaarheid
Vlot te bereiken via de E411 of E25
Namur provincie namen, Liège provincie Luik
Marche-en-Famenne provincie Luxemburg
Sneeuwdagen per jaar
Statistisch is de kans op sneeuw het grootst in de omcirkelde gebieden. De
Ourtheflanken en de Hoge venen tellen jaarlijks gemiddeld 35 tot 50 dagen
sneeuw. In sneeuwrijke jaren kan dit oplopen tot ruim 70 dagen. De temperatuur
daalt er tot meer dan 120 dagen per jaar onder het vriespunt.
Regen in het dal betekent vaak sneeuw op het plateau, het kwik daalt 1 à 2
graden celcius per iedere 100 m stijging.
|
|
|